Als een baken in het duister..

Gods licht is bijna uitgedoofd
De waakvlam welk nog over is
Zorgt voor een beetje namaak licht
Op deze aard vol duisternis.

Ik zoek mijn weg, het valt niet mee
Al tastend ga ik langzaam voort
Mijn ogen wennend aan het duister
Loop ik naar waar Gods licht nog gloort.

Hij roept.. Mijn oren zitten dicht
Al was ik nu oost Indisch doof
Hij roept nogmaals, God geeft niet op
Maar tussen ons ontstond een kloof.

Dan plots is daar Zijn trouwe hand
Die de kloof teniet doet gaan
Hij zorgt dat niets en niemand ooit
Tussen Hem en mij gaat staan.

Ik hoor Zijn stem, Hij roept opnieuw
De vraag, nu voor de derde keer
Mijn antwoordt volgt onmiddellijk
En geldt ; ik kom eraan mijn Heer.

God vraagt; wil jij Mijn licht verspreiden
Wil jij voor Mij een fakkel zijn
Dat wil ik graag, ik dank U Heer
U maakt mij groot, al ben ik klein.

Voor God zijn wij nimmer te slecht
Hij heeft ons naar Zijn beeld gemaakt
Een lichtend voorbeeld, dat is Hij
Die dag en nacht over ons waakt.

Ook Samuel was heel verrast
Want God riep hem heel onverwacht
Het was een eer dat Hij dat deed
En aan de mensheid heeft gedacht!

Dank U Heer!
   
© Grietje Boersma - Drachten