Troostboek

Daar lag ze dan in een bed voor het raam, kijkend naar de mensen die voorbij liepen. Sommigen groetend, anderen liepen , star voor zich uit kijkend, voorbij.
Zijzelf kon niet meedoen aan het dagelijkse leven, die tijd lag achter haar. Ziekte verhinderde haar de straat op te gaan, te gaan winkelen of heerlijk op een terras te zitten met vriendinnen.
Maar ach, ze had wel een mooi plekje en lag prinsheerlijk in haar kussens. Vrolijke kussens, daar zorgde ze wel voor, dat haar omgeving kleurrijk, doch ook rustig was.
En dat ze er elke nieuwe dag fris en fruitig bij lag.
Dat was ook waarom men even opzij keek naar die vrolijk uitziende vrouw in dat bed achter het raam.
Ze had altijd veel aandacht gekregen, niet dat ze daarom vroeg maar vanwege haar natuurlijke, vriendelijke uitstraling trok ze dit naar zich toe. Ze koesterde zich in die aandacht, dat wel.
Nu, liggend onder haar fleurig dek, kreeg ze nog altijd veel aandacht van voorbijgangers en bezoekers.
Toen, op zekere dag, liep een, door met reuma gekromde rug, oudere mevrouw voorbij, zonder te kijken, want het lopen op zich kostte haar al genoeg moeite. En toch..een snelle blik door het bewuste raam, zag ze haar liggen. Zo jong, zou ze herstellende zijn van een operatie, of voor haar leven lang gekluisterd aan dat bed, vroeg de oude dame zich af. Ze liep verder en verder, tot aan haar voordeur. Draaide de sleutel in het slot en ging naar binnen. Het was behaaglijk warm in haar huisje, maar donker. Ze hield niet van licht, in het licht zag je de dingen die je in het donker niet zag.
Wilde ze dat, dingen verduisteren? Al heel lang leefde ze op deze manier, nee, ze hield niet van licht, zo ook niet van Het Licht, welke stond beschreven in dat zwarte boek met gouden letters. Haar moeder had haar er vroeger uit voorgelezen, met zoveel liefde in haar stem, dat het vanzelf haar eigen jonge hartje verwarmde. Maar nu lag datzelfde boek onder het stof, onaangeroerd in een hoekje van de kamer. Ze keek er niet meer naar om.
Zuchtend ging ze zitten in haar stoel, he, he..achterover leunend en haar gedachten naar die jonge vrouw in dat bed achter het raam, een paar deuren verderop. Ze voelde medelijden, compassie. Waar kwam dat gevoel vandaan, dat had ze al heel lang niet meer gevoeld, het overviel haar gewoon. Vanzelf ging haar blik naar dat zwarte boek met goudbeslag, hoorde haar moeder zeggen in haar eigen woorden: En Jezus die de mensen zo lief had, zocht ze op en genas hen die ziek waren..
Maar..die jonge vrouw achter dat glas, was vast ook ziek. Dan zou zij, oude vrouw, toch eens aan haar moeten vragen of ze kon helpen, ze had immers de oplossing, of..zou het.. zou Jezus nog steeds zieken genezen, en hoe bedoelde Hij dat dan? Allerlei vragen dwarrelden door haar gedachten, ze moest het weten, ze...
De volgende ochtend werd ze wakker met het boek met gouden letters, in haar handen, half open, ze had erin gelezen tot ze in slaap viel.
Even had ze moeten niezen vanwege het stof, maar al snel hadden de woorden haar zo geboeid dat ze niet meer kon stoppen en ze de geschreven woorden verslond.
In Jacobus 5: 13-16 stond dat je voor of met de zieken moest bidden, en/ of zalven met olie. Nu, dat laatste zou ze zich niet aan wagen, met haar bibberende handen zou de olie wat te rijkelijk vloeien, vreesde ze. Maar bidden, dat kon ze nog wel, dat had ze vast niet verleerd.
Gelijk vouwde ze haar oude handen ineen en begon wat te prevelen om vervolgens met dat boek nog op schoot, in slaap te vallen.
Enfin, ze besloot de daad bij het woord te verrichten en nadat ze zich had gewassen, aangekleed en had ontbeten, ging ze zo snel ze kon, op weg naar het huis waar die jonge vrouw op bed lag.
Het huis terug vinden was niet moeilijk. Ze zwaaide naar het figuurtje achter het glas, die vrolijk terug zwaaide. Ze belde aan en de deur werd daarop open gedaan door een wijkverpleegkundige. Haar taak zat er voor die ochtend op en terwijl ze de oude vrouw binnenliet, ging zij er weer vandoor.
Goedemorgen, stamelde ze iets schuchter tegen de jonge vrouw, ik kom met een boodschap en omdat u gisteren mijn aandacht trok en..
De jonge vrouw lachte vriendelijk en bood haar een stoel aan, waarop ze graag ging zitten, want oh..haar pijnlijke rug!
Ze praatten even voordat de oude mevrouw zei waar ze voor kwam. Ik wilde graag voor u en met u bidden tot onze lieve Heer Jezus, maar ik besef, zei ze, dat ik niet eens weet of u wel gelooft in Zijn wonderbare liefde?
Oh, ja hoor, antwoordde de jonge vrouw. Dat is ook de de reden dat ik dit lange, zware liggen kan volhouden en toch plezier in het leven behoud!
Nu was de oude vrouw even stil van ontroering, een traan rolde traag langs haar wang. Plots voelde ze een zachte hand langs haar wang, die liefdevol die traan wegveegde. Ze keken elkaar aan en begonnen spontaan te lachen. Wie heeft nu dat gebed het meeste nodig, besefte de oude vrouw.
Alles had een bedoeling. Dat ze gisteren de woorden van haar moeder herinnerde bij het zien van dat zwarte boek met gouden letters o.a. Een oude versie van de Bijbel, want tegenwoordig had je zoveel mooie uitvoeringen, niet?! Ze zag er een liggen op het kastje van de jonge vrouw. Een kleurrijk exemplaar. Ze sprak haar bewondering hierover uit waarop de jonge vrouw besloot een mooie nieuwe Bijbel te bestellen als kerstgeschenk voor haar nieuwe vriendin. Want over een weekje was het kerst. Ze verheugde zich alvast erop!
Zo praatten ze nog wat verder en een nieuwe vriendschap was geboren.
Vervolgens, besteld op internet werd het pakje bezorgd op het adres van de oude vrouw. Deze verrast, pakte het uit, zag wat het was en opnieuw moest ze huilen. Van blijdschap, en diepe dankbaarheid. God had haar oude hart opnieuw aangeraakt via haar jonge en dappere vriendin. Dat hart welk zo verkild was, zo ver van God verwijderd door teleurstellingen in haar leven.
Ze vouwde opnieuw haar handen en boog haar oude hoofd om haar Heer te danken. Hij die nooit loslaat wat Hij eens is begonnen.
De volgende dag was het kerst, en wat voor een, ze vierde deze geboortedag van Jezus Christus samen met haar lieve vriendin.
Een vriendschap die nog een paar jaar mocht voortduren.
Met dank aan God!

   
© Grietje Boersma - Drachten