Want achter de wolken..


Ze liep door de straten..het was stil, zo stil. Mensen zaten verplicht binnen, afwachtend op wat komen zou.
Het raakte haar, die mensen achter de ramen..bij de ouderen bleef ze even stilstaan, elkaar aankijkend, vriendelijk lachend, een opstekende hand..het deed goed. Ze liep verder met een brok in de keel die ze maar moeilijk weg kon slikken.
Toen besloot ze dat ze toch iets voor hen kon betekenen en liep gauw huiswaarts waar ze een lade opentrok waar nog verschillende ansichtkaarten in een hoekje lagen te verstoffen. Ze schreef er een korte bemoediging en groet op, ging weer op pad en duwde de kaarten stuk voor stuk door de brievenbussen, he..dat gaf een goed gevoel. Zoveel kon ze niet betekenen voor haar medemens, maar dit kleine gebaar was al voldoende. Al slenterend keerde ze huiswaarts, ze had plots geen zin meer haar wandeling te hervatten. Ach..in wat voor rare wereld was ze toch belandt. Thuis gekomen maakte ze een kop hete cacao voor haarzelf klaar..dienende als troost. Het hielp haar gedachten tot rust te brengen.
Ze deed de tv aan en werd gelijk geconfronteerd met het nieuws..een lichte huivering trok over haar lichaam, ze trok haar vest wat dichter om haar heen. Bedacht dat deze pandemie voor de oudere medemens waarschijnlijk niet de eerste keer was welke ze mee moesten maken..of..zou het erger zijn deze keer. Ze besloot maar vroeg haar bed op te zoeken, was moe van het nadenken. Eenmaal onder het warme dekbed vouwde ze haar handen en sprak met haar hemelse Vader. Bij Hem kon ze terecht met haar zorgen. Alleen al het uitten hiervan maakte haar rustig. Langzaam vielen haar ogen dicht en viel ze in een droomloze slaap. Het was genade dat ze in deze donkere tijden kon slapen, hoeveel mensen zouden er wakker liggen, piekerend, zorgend..ja, zorgend vooral!

Al schrijvende voel ik mij verwant met deze fictieve figuur/mens en voel een huivering langs mijn lijf gaan..Maar eens zal de zon weer opgaan, daarin wil ik en blijf ik geloven!
   
© Grietje Boersma - Drachten